Met Marjorie NaarBuiten
Als kind was ik al veel buiten. Het landje/de boomgaard tegenover
ons huis was mijn speeltuin. Met bomen als klimtoestel en om hutten in te bouwen,
slootje springen, verstoppen, ontdekken en verwonderen. En vies worden. Heel
vies. De natuur bood de ruimte om écht kind te zijn. De verbinding met de natuur stond een lange tijd in ‘de
schaduw’. Ik wandelde wel veel, maar dat voelde toch anders dan hoe ik de natuur nu ervaar.
Op mijn 50ste
(tijdens de coronatijd) ben ik het Pieterpad gaan wandelen en ontdekte vol verwondering de kracht en schoonheid van de natuur.
Nederland is mooi. En toen kwam de
eerste vogelcursus. Wie had dat gedacht. Marjorie en vogels? Maar het matcht heel goed.
Mijn zintuigen werden nóg meer positief geprikkeld tijdens de
verschillende huttentochten en (lange afstands) wandelingen. En de
verrekijker gaat uiteraard ook standaard mee.
Ik ontdekte ook dat ik een ‘opraper’ ben. Mijn oog
valt op een schelp, een steen, een stuk hout en ik zie er een betekenis in. Een metafoor voor iets. Een
boodschap. Of ik verbind het aan een persoonlijk ritueel of rituele handeling. Of verwerk het in iets creatiefs. Of leg het thuis op mijn verzamelplekje.
Door de buitenlucht en het vertragen ontstond er de
afgelopen jaren steeds meer ruimte voor een diepere verbinding met mijn eigen
wensen en verlangens. En meer contact met mijn lichaam en gevoelens in plaats van 'vanuit mijn
hoofd te leven'. Mijn eigen veranderwens werd steeds duidelijker: een tweede praktijkruimte openen: Het bos, het strand, de hei. Wat een waanzinig mooie werkplekken!
Loop je met mij mee?